IMG_4947.jpeg

“Ik ken alles, overhoor met maar!”, zegt hij met z’n leuke koppie.

“Ik ken alles, overhoor met maar!”, zegt hij met z’n leuke koppie. 

“Wat is een koelie?”, vraag ik.

“Een contractarbeider die op een plantage werkt”, zegt hij met datzelfde leuke koppie. ‘Contractarbeider’ en ‘plantage’ niet echt woorden die een kind uit 2 vmbo-t regelmatig gebruikt, denk ik bij mezelf. “Wat is dan een contractarbeider?”, vraag ik. Hij kijkt me aan. “Dat is geen dikgedrukt woord en dat staat niet in de tekst dus dat hoef ik niet te leren”, zegt hij terwijl hij wil dat ik de volgende vraag stel.

Maar dat doe ik niet. Ik ben er om hem inzicht te geven. Inzicht in waar hij nu staat ten opzichte van wat er op de toets van hem verwacht wordt. Hij kijkt een beetje sip, want hij heeft gelijk hij KENT de tekst, foutloos zelfs. En toch gaat hij morgen een onvoldoende halen. “Je moet van kennis naar begrip lieverd en daar gaan we samen voor zorgen”. Samen leren we nog vijftienminuutjes. 

Een week later komt hij weer binnen met z’n leuke koppie, “Ik heb een 7,6 gehaald!” 

“Yes”, zeg ik. Maar als ik hem twintig minuten later met de techniek zie werken die ik hem een week daarvoor heb aangeleerd denk ik pas echt “YES”.